Nieuws‎ > ‎

Informatie van de Intern Begeleiders

Geplaatst 16 dec. 2011 05:03 door RKBS De Stek   [ 16 dec. 2011 05:59 bijgewerkt ]

Goed en vlot kunnen lezen is de basis van het leren. Daarom wordt er op De Stek veel aandacht besteed aan het technisch lezen. Wat kunt u thuis doen om uw kind hierbij te helpen?

Algemeen

·         Thuis lezen moet leuk zijn voor uw kind. Vermijd dwang en de nadruk op goed presteren. Het gaat erom samen met uw kind op een ontspannen manier bezig te zijn.

·         Blijf uw kind óók voorlezen in groep 4 en  5. Kinderen vinden voorlezen fijn én het is goed voor de ontwik­keling van de luistervaardigheid en de woorden­schat;

·         Het is belangrijker voor de leesontwikkeling van uw kind dat u dagelijks - bijvoor­beeld voor het naar bed gaan - 10 minuten met hem/haar leest, dan dat u daar één keer per week een uur aan besteedt.

·         Toon belangstelling voor wat uw kind op school doet en leert. Laat uw kind bijvoorbeeld thuis nog eens voordoen welke nieuwe letters en woorden hij alweer kan lezen.

·         Als u denkt dat de taal-/leesontwikkeling van uw kind niet goed verloopt, neem dan contact op met de groepsleerkracht.
 
Tips voor groep 1 en 2
 

·         Lees uw kind veel voor. Let erop of uw kind begrijpt wat het hoort.

·         Lees eerder voorgelezen boeken nog eens. Kinde­ren vinden dit leuk en gaan daardoor het boek of verhaal beter begrijpen.

·         Laat uw kind zien dat je met lezen iets kunt doen; bijvoorbeeld door in zijn/haar aanwezigheid een gebruiksaanwijzing of een recept te lezen.

·         Doe met uw kind spelletjes die goed zijn voor de taal-/leesontwikke­ling. Denk aan lotto's, puzzels, rijm- en raadspelletjes.

·         Geef uw kind eigen schrijfspullen, zoals potlood, pennen en papier. Stimuleer het (na)schrijven van woord­jes, zoals zijn/haar eigen naam, of de namen van broertjes en zusjes.
 
 
Tips voor groep 3
 

Op de meeste basisscholen leren kinderen in groep 3 lezen. Veel ouders willen thuis met hun kind daarop inspelen. Houd daarbij rekening met de volgorde waarin uw kind op school de letters leert. Belangrijk is ook de manier waarop u de letters uitspreekt. Spreek bij het lezen met uw kind letters niet uit zoals u dat doet wanneer u het alfabet opzegt, maar als in onderstaande voorbeelden:

         a  : geen aa, maar als in tak

         aa : als in maan

         b  : niet bee, maar bu, met een bijna onhoorbare u

         e  : geen ee, maar als in zes

         ee : als in teen

         f  : geen ef, maar fff

         h  : geen haa, maar hu, met een bijna onhoorbare u

         ie : als in fiets

         z  : geen zet, maar zzz

 

Als uw kind moeite heeft met een bepaald woord, kunt u vragen om eerst de letters van dat woord afzonderlijk te lezen, bijvoorbeeld b - oe - k en daarna de letters 'aan elkaar te plak­ken' en het hele woord vloeiend te lezen: boek.

Er zijn in de boekhandel en de bibliotheek veel boekjes die u helpen om thuis in te haken op het leeson­derwijs in groep 3. Op de boekjes staat dikwijls vermeld ‘geschikt voor na 3 weken, 6 weken, 9 weken leesonderwijs’. Ook wordt het niveau van boekjes vaak met een AVI-niveau aange­duid. Houd rekening met die aanduidin­gen: In het algemeen geldt dat boekjes met de aanduiding AVI-M3 rond Kerstmis geschikt zijn en aan het einde van groep 3 kunnen de meeste kinderen AVI-E3 lezen.

Tips voor groep 4 t/m 8

Vanaf groep 4 staat vooral het begrijpend en studerend lezen centraal. Begrijpend lezen is eigenlijk ‘snappen wat er staat’. Studerend lezen gaat nog verder. Daarbij is het de bedoeling dat de kinderen de informatie uit een tekst gebruiken, bijvoorbeeld voor proefwerken, spreekbeurten of werk­stuk­ken.

Het is voor het begrijpend lezen van uw kind van belang dat het, naast verhalen, ook regelmatig informatieve teksten leest, zoals tijdschriften en de krant (bv. Kidsweek). U kunt samen met uw kind teksten lezen over onderwerpen die uw kind interesseren. U kunt het begrip van de tekst bevorderen door vragen te stellen voor, tijdens en na het lezen.

Voor het lezen:

· Waar denk je dat de tekst over gaat als je kijkt naar de titel en de plaatjes?

· Wat weet je al van dit onderwerp?

· Wat wil je te weten komen?

Tijdens het lezen:

· Klopt je voorspelling over de inhoud van de tekst?

· Wat zijn hoofdzaken en wat zijn bijzaken?

· Hoe zal de tekst verder gaan?

Na het lezen:

· Ben je te weten gekomen wat je wilde weten?

· Kun je de inhoud van de tekst samenvatten?

Voor het aanschaffen en lenen van boeken kunt u gebruik maken van de AVI-aanduidingen. Kinderen in groep 4 zonder leesproblemen kunnen meestal teksten lezen van het moeilijk­heidsniveau AVI-M4  tot AVI-E4. Kinderen zonder leesproblemen in groep 5 kunnen teksten lezen van niveau AVI-M5 tot AVI-E5. Vanaf groep 6 moeten de meeste kinderen alle boeken kunnen lezen. Aandachtspunt kan wel zijn dat het boek ook aansluit bij de belevingswereld van de kinderen. In het rapport staat het beheersingsniveau vermeld. Uw kind zou een niveau hoger kunnen lezen.

Motivatie is daarnaast erg belangrijk, dit betekent dat een boek ook vooral leuk moet zijn, bv. stripboeken, informatieve boeken, etc.

Als uw kind moeite heeft met lezen.

Als een kind moeite met lezen heeft, is het belangrijk dat u thuis samen met het kind leest. Lezen leer je door te lezen en bovendien hebben sommige kinderen meer tijd nodig om een goede lezer te worden. Een ouder zou dagelijks 10 minu­ten met het kind moeten lezen. Naast teksten over onderwerpen die uw kind interessant vindt, is het goed als u:

- met het kind een tekst herleest die op school aan de orde is geweest;

- met het kind een tekst leest die de volgende dag op school aan de orde komt.

Het is belangrijk dat het lezen thuis in een ontspannen sfeer gebeurt en dat het kind complimentjes krijgt als het goed gaat. Daardoor krijgt het kind meer zelfvertrouwen.

Als het lezen heel moei­zaam gaat, kunt u samen-lezen met het kind, bijvoorbeeld door om de beurt een zin te lezen. Verder is het van belang dat u regelmatig met de leerkracht praat over de leesontwikkeling van uw kind. Als het kind te weinig vorderingen maakt bij het lezen, dan is het nodig dat de interne begeleider van de school of een leesdeskundige wordt ingeschakeld.

Comments